Een keiharde confrontatie: hardlopen vs het leven

Vol goede moed begin ik aan mijn hardloopronde. Tegen de harde wind in ploeterend. Beetje mopperen, maar doorgaan. De zon tegemoet lopend. Hard ga ik niet, maar ik kom vooruit. Richting een prachtig natuurgebied. Ik heb een doel voor ogen.

Vol goede moed begint ze aan haar leven. Met vallen en opstaan. De pubertijd doorploeterend, haar toekomst tegemoet. Het gaat haar niet hard genoeg. Volwassen worden is wat ze wil.

In de natuur voel ik me thuis. Wat is het hier prachtig! Volop geniet ik van het lopen over de bospaden en tussen de heide door. Het zonnetje maakt het geheel nog mooier.

En volwassen wordt ze. Huisje, boompje, beestje. Een droom die uitkomt. Oh wat geniet ze van haar gezinnetje. Een nieuw huis maakt alles nog mooier.

Dan neemt het pad een andere wending. Ik loop de zon niet meer tegemoet en heb nu de wind in de rug. Weg zonnig uitzicht. Bizar hoe een fractie van een seconde, een kwartslag of halve draai je gezichtsveld zo kan veranderen.

Dan neemt het leven een andere wending. Van de een op ander moment spat haar droom uiteen.

Ik blijf het pad volgen en wordt vooruit geduwd door de wind waardoor ik sneller ga dan de bedoeling is. Sneller dan ik wil. Maar het is nog steeds mooi en ik voel de zon in mijn rug. Het landschap trekt alleen wat sneller aan mij voorbij in dit tempo.

Maar ze is een vechter, een sterke vrouw, en geeft niet op. Ze gaat er voor en blijft positief en hoop houden. Ondertussen flitst haar leven aan haar voorbij.

Voor ik het weet ben ik de natuur weer uit en liggen er weer kilometers saaie afvalt voor me. Jammer. Maar met de zon nog in mijn rug en de benen die nog goed voelen houd ik de moed erin. Doorlopen dus maar. Ik kan het pad in een redelijk rechte lijn terug naar huis volgen, maar ik zie een zijspoor en besluit die te nemen. Even de andere kant oplopen betekent de wind van opzij in plaats van in mijn rug, maar betekent ook dat ik de zon weer kan zien en voelen op mijn gezicht. Hoe fijn is dat! De wind doet haar best om mij omver te blazen en ik moet alle zeilen bijzetten om rechtop te blijven staan en in een rechte lijn vooruit te blijven lopen. Ik laat me niet klein krijgen. Ik blijf rechtop en haal het einde van dit pad. Al gauw moet ik weer een andere weg inslaan, de zon achter me latend. Maar niet voordat ik heel even stil sta en om kijk naar de zon en de mooie natuur achter me. Wat was het mooi daar!

Ze houdt de moed erin en probeert een zijstraatje hier en zijstraatje daar. Ze grijpt alles aan. Het lijkt te werken. Het is zwaar en hard werken, maar ze blijft sterk en blijft overeind staan. Ze kijkt even achterom en denkt terug aan die mooie tijd waarin ze nog onbezorgd in het leven stond.

Dan vervolg ik het lange saaie asfalt pad richting huis. Het stoppen heeft me stijf gemaakt. Ik raak wat vermoeid en de benen beginnen wat pijn te doen. Geen reden om te stoppen. Ik loop gewoon door. Het is weer hard werken en nog steeds duwt de wind mij harder voort dan ik eigenlijk wil en kan bijbenen. Ik heb niet meer de volledige controle over mijn eigen tempo. Ik besluit de controle terug te pakken en ga nog harder lopen. Even geen aandacht voor het asfalt, maar de focus op mezelf en mijn eigen regie. Ik ga hard en harder en het is fijn om de controle te voelen. Nog een stukje versnellen en nu doortrekken. Maar dan… BAM! De klap! Leuk geprobeerd om weg te lopen van mijn gedachten en gevoelens maar helaas. Ik breek even. Ik krimp in elkaar en ben boos en verdrietig. Dan probeer ik de draad weer op te pakken. Maar het tempo is eruit. De puf is eruit. Ik een enigszins normaal tempo probeer ik verder te lopen. Links van me razen de auto’s aan me voorbij in tegengestelde richting. De zon tegemoet. Ik wens ze in gedachten een goede reis. De laatste meters ga ik over van hardlopen naar wandelen. Ik heb geen zin meer. Het is genoeg zo. Het einde is in zicht. Het was mooi en moeilijk met haar in gedachten. Het was veel te kort, maar voor nu zit er niet meer in. Hier stopt mijn route.

De weg is lang en zwaar, maar geen reden om te stoppen. Ze gaat door. Het is weer hard werken maar dat doet ze graag voor haar gezin. Ze houdt moed en is zo sterk. Maar dan… BAM! De genadeklap! De puf is eruit. Het komt niet meer goed. Links en rechts van zich ziet ze mensen hun leven vervolgen, plannen maken, een toekomst hebben. Ze wenst ze veel geluk en gezondheid toe. Zelf kan ze niet meer. Ze heeft het tempo niet zelf kunnen bepalen, had nog veel verder gewild, maar er zit niet meer in.

Lieve vriendin, ik had nog zo graag met je willen lopen, survivallen, CrossFitten, borrelen en dansen. Maar het wrange is dat dit voor mij een hersenspinsel was tijdens mijn duurloopje, en voor jou de bittere werkelijkheid. Heel veel sterkte en liefde voor jou en je gezin lieverd. Voor altijd in mijn hart <3

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *